Godefridus Franciscus Couwenbergh: verschil tussen versies

Uit WaalwijkWiki
Ga naar: navigatie, zoeken
k
 
(Eén tussenliggende versie door één gebruiker wordt niet weergegeven)
Regel 40: Regel 40:
 
Een grote invloed op het verdere leven van Couwenbergh hadden de gebeurtenissen die zich in Waalwijk afspeelden op de zesde september van 1944, een dag na 'Dolle Dinsdag', waarop de bevrijding nabij leek.
 
Een grote invloed op het verdere leven van Couwenbergh hadden de gebeurtenissen die zich in Waalwijk afspeelden op de zesde september van 1944, een dag na 'Dolle Dinsdag', waarop de bevrijding nabij leek.
  
Couwenbergh was die dag aanwezig op het gemeentehuis, toen een vrouw binnenkwam om de burgemeester, [[Eduardus C.J. Moonen|E.C.J. Moonen]], te spreken. Haar man, een landwachter, was door het verzet gevangen genomen en zij eiste dat hij vrijkwam. Deze dramatische dag zou eindigen met de [[Executie burgemeester Moonen en gebroeders Hoffmans|executie van de burgemeester en de gebroeders Joop en Vincent Hoffmans]], waarbij als door een wonder Vincent aan een zekere dood ontsnapte.
+
Couwenbergh was die dag aanwezig op het gemeentehuis, toen een vrouw binnenkwam om de burgemeester, [[Eduardus Constantinus Josephus Moonen|E.C.J. Moonen]], te spreken. Haar man, een landwachter, was door het verzet gevangen genomen en zij eiste dat hij vrijkwam. Deze dramatische dag zou eindigen met de [[Executie burgemeester Moonen en gebroeders Hoffmans|executie van de burgemeester en de gebroeders Joop en Vincent Hoffmans]], waarbij als door een wonder Vincent aan een zekere dood ontsnapte.
  
 
'Ik kan u wel in vertrouwen vertellen dat in die dagen, waarin het fusilleren op het [[Raadhuisplein]] centraal stond', vertelt Couwenbergh tijdens het afleggen van een verklaring daarover rond 1984, 'in veertien dagen driekwart van mijn haren is uitgevallen. Zo heeft me dit aangegrepen!'
 
'Ik kan u wel in vertrouwen vertellen dat in die dagen, waarin het fusilleren op het [[Raadhuisplein]] centraal stond', vertelt Couwenbergh tijdens het afleggen van een verklaring daarover rond 1984, 'in veertien dagen driekwart van mijn haren is uitgevallen. Zo heeft me dit aangegrepen!'
Regel 75: Regel 75:
 
[[Categorie:Mensen]]
 
[[Categorie:Mensen]]
 
[[Categorie:Archivarissen]]
 
[[Categorie:Archivarissen]]
 +
[[Categorie: Wereldrecordhouders]]

Huidige versie van 8 aug 2013 om 08:03

Frie Couwenbergh
G.F. Couwenbergh, geportretteerd door Frans J. Couwenbergh (Collectie Godfried Couwenbergh)
G.F. Couwenbergh, geportretteerd door Frans J. Couwenbergh (Collectie Godfried Couwenbergh)
Persoonsgegevens
Naam Godefridus Franciscus Couwenbergh
Geboren Besoijen, 08-01-1901
Overleden Waalwijk, 29-12-1985
Burgerlijke staat Gehuwd met Johanna Maria Klerkx
Overige gegevens
Beroep(en) Archivaris

Godefridus Franciscus (Frie) Couwenbergh (Besoijen, 8 januari 1901 - Waalwijk, 29 december 1985) was gemeentearchivaris en wereldrecordhouder.

[bewerken] Biografie

Godefridus Franciscus Couwenbergh, roepnaam Frie, werd geboren op 8 januari 1901 te Besoijen als zoon van Cornelis Victor Couwenbergh en Anna Catharina de Rond. Vader Vic, op dat moment 26 jaar oud, was molenaar te Besoijen en paste daarmee in een traditie die al vanaf ongeveer 1520 in rechte lijn werd voortgezet.

Frie trouwde op 9 oktober 1930 met Johanna Maria Klerkx en samen kregen zij elf kinderen. Nog op zestigjarige leeftijd bezocht Frie enkele van hen in Canada, maar natuurlijk niet zonder ook van oceaan tot oceaan dit land te doorkruisen om alle bezienswaardigheden te onderzoeken. Op 29 december 1985 overleed hij in zijn geliefde Besoijen.

Op vijftienjarige leeftijd, op 1 augustus 1916, begon de jonge Frie Couwenbergh als voluntair op arbeidsovereenkomst zijn ambtelijke loopbaan, op het gemeentehuis van Besoijen. Per 1 september 1949 werd hij door burgemeester en wethouders van Waalwijk, waarmee Besoijen inmiddels was samengevoegd, aangesteld als tijdelijke gemeentearchivaris. Toch maakte uiteindelijk het Groot Guiness Record Boek in 1984/1985 op bladzijde 172 eervol melding van een overheidsdienst van 68 jaar, door G.F. Couwenbergh!

Het beroep van molenaar, zoals zijn voorvaderen beoefenden, bleek dus niet de roeping voor Frie. Daarvoor was, naar later bleek, zijn liefde voor de geschiedenis en het archief te groot. Het was echter de grote drukte in het gemeentehuis van Besoijen, ontstaan door de inkwartieringen en de komst van Belgische vluchtelingen, die in 1916 de toenmalige gemeentesecretaris deed besluiten aan Vic. Couwenbergh te vragen of zoonlief op het gemeentehuis wilde komen helpen.

Na ongeveer vijftig jaar in gemeentedienst te zijn geweest, nam Frie Couwenbergh als referendaris en chef van de afdeling Algemene Zaken en bureau Huisvesting op 31 januari 1966 officieel afscheid van de gemeente Waalwijk, wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Gelet op zijn goede gezondheid en zijn grote kennis van zaken, maakte het gemeentebestuur echter graag gebruik van zijn bereidheid om na zijn 65e door te werken.

Zijn vroegere bijfunctie van gemeentearchivaris werd vanaf dat moment een volledige dagtaak. Op verzoek overigens van Couwenbergh zelf, die, naar later bleek ten onrechte, vreesde dat een normale aanstelling zijn pensioenaanspraken in gevaar zou brengen, kreeg hij vanaf zijn afscheid in 1966 gedurende tien jaar steeds slechts een jaarlijkse aanstelling. Maar na dat decennium werd hij alsnog tot 1 januari 1978 officieel door de gemeenteraad als gemeentearchivaris benoemd. Precies zoals dat hoort.

Als ambtenaar stond Couwenbergh bekend als uit het goede hout gesneden, onkreukbaar met een groot verantwoordelijkheidsbesef, bekwaam en dienstvaardig. Nog tijdens zijn afscheid in 1966 wist bijvoorbeeld Couwenberghs opvolger op Algemene Zaken, J.H. van der Mee, op humoristische wijze te vertellen hoe zijn voorganger 'geen enkele concessie wenste te doen aan de door de Haagse keukenmeiden gevestigde praktijken'. Een man ook die anderen stimuleerde en activeerde. Dat Couwenbergh daarnaast een boeiend verteller was, bleek toen hij zelf het woord kreeg, en bijvoorbeeld sprak over de 'streken' die hij uithaalde als jonge ambtenaar.

Direct vanaf 1949, zijn tijdelijke aanstelling als archivaris, zette Couwenbergh zich met liefde in voor het archief van Waalwijk. Het sterk verwaarloosde bestuurlijke archief werd in een jaar weer op orde gebracht door hem. Maar zijn grootste verdienste lag wel op het vlak van de genealogie.

In 1824 legde een grote brand half Waalwijk in de as, samen met het grootste deel van het oude archief. Couwenbergh zag de reconstructie van de Waalwijkse bevolkingsadministratie als zijn levenswerk. Tienduizenden archiefblaadjes legde hij aan en met behulp van zijn fabelachtig goede geheugen slaagde hij nagenoeg in zijn opzet. De zogenoemde collectie G.F. Couwenbergh in het gemeentearchief puilt nog steeds uit van de honderden brieven met genealogische gegevens die Couwenbergh verzamelde en waarover hij met heinde en verre correspondeerde.

Nog in 1985 werd Couwenbergh door de rijksarchivaris in Noord-Brabant geëerd, aangezien hij al meer dan vijftig jaar trouw en volhardend onderzoeker in de archieven aldaar was. Maar tot juni van datzelfde jaar bleef hij natuurlijk ook een trouw bezoeker van zijn eigen gemeentearchief.

Een grote invloed op het verdere leven van Couwenbergh hadden de gebeurtenissen die zich in Waalwijk afspeelden op de zesde september van 1944, een dag na 'Dolle Dinsdag', waarop de bevrijding nabij leek.

Couwenbergh was die dag aanwezig op het gemeentehuis, toen een vrouw binnenkwam om de burgemeester, E.C.J. Moonen, te spreken. Haar man, een landwachter, was door het verzet gevangen genomen en zij eiste dat hij vrijkwam. Deze dramatische dag zou eindigen met de executie van de burgemeester en de gebroeders Joop en Vincent Hoffmans, waarbij als door een wonder Vincent aan een zekere dood ontsnapte.

'Ik kan u wel in vertrouwen vertellen dat in die dagen, waarin het fusilleren op het Raadhuisplein centraal stond', vertelt Couwenbergh tijdens het afleggen van een verklaring daarover rond 1984, 'in veertien dagen driekwart van mijn haren is uitgevallen. Zo heeft me dit aangegrepen!'

Het leed om het verlies van zijn burgemeester, die hij als een tweede vader beschouwde, kwam Couwenbergh nooit helemaal te boven. In zijn antwoord op de vraag naar zijn gehechtheid aan burgemeester Moonen, tekent zich ook een beeld af van het karakter van Couwenbergh zelf: 'Hij was erg streng en heel sober. Hij eiste voor zichzelf niets, maar hij was er ook voor dat anderen zuinigheid betrachtten. Als hij voor de gemeente een reis moest maken, wilde hij daar nooit een deklaratie voor indienen. Een ander mocht dat gerust van hem doen, maar hij deed het niet.'

Archivaris en gemeenteambtenaar Couwenbergh stond met beide benen midden in het maatschappelijk leven. Hij verdiende zijn sporen als bestuurslid van een lange reeks verenigingen. De voornaamste functies die hij bekleedde, waren commandant van de vrijwillige landstorm, commandant van de burgerwacht in oorlogstijd, blokhoofd bescherming bevolking, secretaris-penningmeester van de Besoijense Woningbouwvereniging, voorzitter van de Algemene Rooms-Katholieke Ambtenarenvereniging afdeling Langstraat en omgeving, meer dan 25 jaar voorzitter van de vereniging 'Koninginnedag' te Besoijen, lid van de St. Vincentiusvereniging en voorzitter van de herensociëteit 'Gezelligheid' te Waalwijk-Besoijen.

En natuurlijk mag in dit verband zeker niet onvermeld blijven dat Couwenbergh, als een van de oprichters in 1946, daarnaast vice-voorzitter werd van de 'Vereeniging voor Heemkunde voor de Langstraat, Land van Heusden en Altena', een van de eerste kringen van de in 1947 gestarte Stichting Brabants Heem. Na een bloeiende beginperiode moest deze kring zijn activiteiten echter op een laag pitje zetten, vooral omdat Couwenbergh, die zeer actief was, later zijn aandacht en werk volledig moest richten op het omvangrijke werk verbonden aan de reconstructie van het archief.

Toen in 1972 nieuwe heemkundige activiteiten werden ontwikkeld onder de naam van heemkundekring 'De Erstelinghe', kon de nieuwe naam zijn goedkeuring niet wegdragen. 'Erstelinghe' moest zijn 'Efterlingh' of 'Eftelingh' naar de schrijfwijze in oude aktes. Zelfs in Brabants Heem werd de discussie voortgezet, maar de omstreden naam werd toch gehandhaafd. Overeenkomstig zijn principiële karakter weigerde Couwenbergh zich daarom bij de nieuwe vereniging aan te sluiten.

Naast zijn inzet voor het Waalwijkse archief, bleef Couwenbergh overigens in hart en ziel Besoijenaar, tot in het extreme toe. Een aan hem gerichte brief met als vermelding woonplaats Waalwijk werd ongeopend geretourneerd; hij woonde in Besoijen!

Burgemeester Teijssen grapte daarover nog in 1966: 'U heeft zich nooit tot Waalwijker willen naturaliseren. U heeft de Besoijense nationaliteit behouden.'

Met het overlijden van Couwenbergh, in de leeftijd van 85 jaar, verloor Besoijen, een stadsdeel dat hij nooit had verlaten, een markant persoon en Waalwijk een markant archivaris.

Frans Couwenbergh, een van Frie's zonen, schonk in 1988 een door hem zelf geschilderd portret van zijn vader aan de gemeente Waalwijk. Natuurlijk kon het schilderij maar op één plaats tot zijn recht komen en daar hangt het, als eerbetoon, nu dan ook nog steeds: in de studiezaal van het gemeentearchief!

Bronnen

  • Gemeentearchief Waalwijk (GAW), personeelsdossier G.F. Couwenbergh.
  • GAW, collectie G.F. Couwenbergh (toegangsnr. 39), aantekeningen, kaartenbakken en mapjes met gezinsreconstructies, ter vervanging van de bij de brand van 1824 verloren gegane Waalwijkse bevolkingsadministratie.
  • GAW, Oorlogsdocumenten (toegangsnr. 250), inv.nr. 68, artikel 'Serie 3 - De drie van Waalwijk', getuigenis van G.F. Couwenbergh over de gebeurtenissen op 6 september 1944, circa 1984.
  • Redaktie, de, 'In Memoriam G.F. Couwenbergh', De Klopkei (2e kwartaal 1986) 2-3.
  • Vercauteren, Frans, 'Een erfenis van de Waalwijkse Raad voor de Maatschappelijke Wederopbouw: de "Vereeniging voor Heemkunde"', De Klopkei (3e kwartaal 1999) 57-67.

De oorspronkelijke tekst van dit artikel is met toestemming van auteur Christian van der Ven en uitgever Erfgoed Brabant overgenomen uit Brabantse Biografieën 8, Sprang-Capelle, Waalwijk, Waspik. Zie voor meer Brabantse biografieën de website van Thuis in Brabant.

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Categorieën
Hulpmiddelen